Mezzosopraan Marie-Claire op ten Noort is een veelzijdige zangeres met een breed repertoire. Afgelopen seizoen was zij te horen als Rafael in de nieuwe opera Gijsbrecht van Aemstel van Jan van Maanen in het Concertgebouw Amsterdam. In 2026 keert zij terug bij Weekend Opera Utrecht als Bersi in Andrea Chénier in de Grote Zaal van TivoliVredenburg en met het Requiem van Duruflé onder leiding van Louis Buskens, het Nederlands Concert Koor en Leo van Doeselaar.
Bij Weekend Opera Utrecht bouwde Marie-Claire aan een indrukwekkend repertoire van hoofdrollen. Zij vertolkte Eboli in Don Carlo (2020), Santuzza in Cavalleria Rusticana (2023) en Amneris in Aida (2024), allen in de Grote Zaal van TivoliVredenburg Utrecht. Recent zong zij Dido in Purcells Dido & Aeneas onder leiding van Michel de Valk met het Erasmus Consort & Kunst Vocaal.
Tijdens haar periode in Engeland trad Marie-Claire op bij verschillende gezelschappen en uiteenlopende venues. Bij Kent Opera vertolkte zij Sesto in La clemenza di Tito en Emilia in Otello onder leiding van Andrew Charity en Stephen Tiller, regisseur van The Vagina Monologues, met uitvoeringen in Londen, Kent, in een zwaarbewaakte gevangenis op Sheppy Island en op het Brighton Fringe Festival. Bij Secret Opera zong zij Annio in La clemenza di Tito en de altpartij in Mozarts Requiem in London. Met het Maidstone Hospice Festival Choir/Choral Union zong ze de titelrol in Iolanthe en Edith in Pirates of Penzance.
Een bijzonder moment in haar carrière was het optreden voor prinses Beatrix bij de officiële opening van het Dutch Centre in Londen. Daarnaast zong Marie-Claire in experimentele operaprojecten in de Tate Modern, waar zij The Secretary zong uit Menotti’s The Consul in een multidisciplinaire productie van Counterpoint Arts en Opera Machine.
In 2024 maakte zij indruk als Santuzza op het Arte Lirica Festival in Italië. Andere festivals waar zij heeft gezongen zijn de Amsterdamse Hartjesdagen, het Aurora Festival (Peter de Grote Festival), Opera aan de Schie Festival en de Waterlandse Opera Zomer. Marie-Claire’s operarepertoire omvat rollen als Sieglinde en Waltraute in Die Walküre, Hänsel in Hänsel und Gretel, Lidoine in Dialogues des Carmélites, de Maestra in Suor Angelica, Ježibaba in Rusalka en Fenena in Nabucco. Zij vertolkte deze rollen met Nederlandse gezelschappen als Hojotoho Opera Studio en Opera aan de Schie, waar zij in verschillende producties in Nederland optrad.
Haar concert- en oratoriumrepertoire omvat werken van barokke tot hedendaagse componisten zoals Verdi’s Requiem, Bachs Matthäus-Passion, Mozarts Requiem, Händels Messiah en Rossini’s Petite Messe Solennelle. Na haar opleiding aan het Conservatorium van Utrecht, waarvoor zij steun ontving van de Ridderschap van Utrecht, vervolgde Marie-Claire haar studie bij gerenommeerde docenten. Zij werkte o.a. met James McCray en Eva Maria Westbroek.